Versoepeling giftenaftrek in de bv

Gebleken is dat dga's de behoefte hebben om via hun bv een schenking te doen aan een goed doel. Onlangs heeft de staatssecretaris in een besluit bevestigd dat ook giften uit persoonlijke vrijgevigheid aftrekbaar kunnen zijn in de bv.

Vanwege het verband met de persoonlijke behoefte van de aandeelhouder kwalificeren deze giften door de bv normaal gesproken als middellijke uitdeling. Ter voorkoming van verdere discussies over dit onderwerp, heeft de staatssecretaris onlangs in een besluit een tegemoetkoming gedaan. Het gaat met name om giften vanuit de bv die de maximumgrens van de Wet VpB 1969 te boven gaan.

De staatssecretaris keurt in het besluit goed dat giften door een vennootschap die zijn ingegeven door de persoonlijke charitatieve behoefte van de aandeelhouder, maar die voldoen aan de voorwaarden van art. 16, Wet VpB 1969, voor het gezamenlijke bedrag als giften in de zin van dat artikel in aftrek komen en voor dat bedrag niet als uitdeling worden aangemerkt voor de VpB, de IB en de dividendbelasting. Deze goedkeuring geldt dus voor zover dergelijke giften het wettelijke maximum van € 100.000 van art. 16, Wet VpB 1969 niet te boven gaan. Voor het meerdere is er sprake van uitdeling. Als er zowel giften zijn gedaan die zijn ingegeven door de persoonlijke charitatieve behoefte van de aandeelhouder als andere giften, mag voor de bepaling van het bedrag dat onder de goedkeuring valt, zo veel mogelijk van het wettelijk maximum aan de eerstbedoelde giften worden toegerekend. Het besluit is met ingang van 9 november 2016 in werking getreden.

Berichtenarchief

kolom_bottom