Hypotheekrenteaftrek: wat gaat er gebeuren?

Globaal is de huidige regeling als volgt: de rente op een lening die is aangegaan voor verwerving, onderhoud of verbetering van de eigen woning is gedurende dertig jaar aftrekbaar. Als men verhuist en de oude eigen woning wordt met winst verkocht, dan moet deze winst aangewend worden voor de aanschaf van de nieuwe eigen woning (bijleenregeling). Gebeurt dat niet, dan loopt men tegen een aftrekbeperking aan.

Met de in het wetsvoorstel Wet herziening fiscale behandeling eigen woning voorgestelde regeling moet een lening nog steeds worden aangegaan voor verwerving, onderhoud of verbetering van de eigen woning. Hieraan wordt toegevoegd dat de lening in maximaal 360 maanden minimaal annuïtair volledig wordt afgelost. Een aflossingsvrije hypotheek zal daarom niet langer als eigenwoningschuld in aanmerking komen. Dit moet ook in de leningsvoorwaarden worden opgenomen.

Reguliere hypotheekverstrekkers zijn verplicht de Belastingdienst te informeren over de lening die zij verstrekt hebben. Gaat een dga een lening aan met zijn BV dan heeft hij zelf de plicht om de Belastingdienst te informeren over de lening. Dit doet met uiterlijk bij het indienen van de aangifte over het jaar waarin de lening is aangegaan. Als er iets wijzigt moet men dit ook doorgeven aan de Belastingdienst. Dit moet uiterlijk binnen een maand na afloop van het kalenderjaar waarin de wijziging heeft plaatsgevonden. Voldoet men niet aan deze voorwaarden, dan zal dit vergaande gevolgen hebben: de rente is dan niet langer aftrekbaar, omdat de schuld niet meer aangemerkt wordt als eigenwoningschuld.

Ook als men niet voldoet aan de aflossingsverplichting, betekent dit in principe dat de lening niet langer een eigenwoningschuld is en de rente niet meer aftrekbaar is. Dit kan natuurlijk tot onredelijke situaties leiden, bijvoorbeeld in geval van tijdelijke betalingsproblemen. In het Belastingplan is hiervoor de regeling opgenomen dat als men de in een jaar opgelopen achterstand in het daaropvolgende jaar inhaalt, de renteaftrek niet verloren gaat. Wanneer men aannemelijk kan maken dat sprake is van onvoldoende betalingscapaciteit, is ook in een regeling voorzien: binnen vier jaar na het jaar waarin de betalingsproblemen ontstonden, moet een nieuwe annuïteit voor de resterende looptijd afgesloten worden.

Nu op basis van het wetsvoorstel al gedurende de looptijd moet worden afgelost op een lening, bestaat geen noodzaak meer om na dertig jaar een fiscaal gefaciliteerde uitkering te ontvangen. De regeling voor de kapitaalverzekering eigen woning (KEW) wordt daarom afgeschaft. Als na 2012 nog een KEW afgesloten wordt, is de waarde hiervan belast via box 3. Voor bestaande KEW's komt er een overgangsrecht, zodat de polissen nog wel in box 1 vallen. Zo kunnen op 31 december 2012 bestaande kapitaalverzekeringen tot 1 april 2013 worden omgezet in een onder het overgangsrecht vallende KEW.

De renteaftrek voor bestaande leningen, blijft ongewijzigd. De hoofdregel is dat alle eigenwoningschulden die een belastingplichtige op 31 december 2012 heeft, worden aangemerkt als bestaande eigenwoningschulden. De rente blijft dan volledig aftrekbaar en de nieuwe regels gelden niet voor deze bestaande schulden. Voor bestaande leningen geldt natuurlijk dat de rente maximaal dertig jaar aftrekbaar is. Het aftrekrecht blijft daarom bestaan gedurende de nog resterende periode van de lopende 30-jaarstermijnen.

Berichtenarchief

kolom_bottom