Waardering eigen woning erfbelasting

Hoofdregel is dat alle bezittingen van de erflater in aanmerking worden genomen voor de waarde in het economische verkeer op het moment van overlijden. Voor woningen geldt echter een bijzondere waarderingsregeling. De waarde van onroerende zaken die als woning in gebruik zijn, is gelijk aan de WOZ-waarde die is vastgesteld voor het kalenderjaar, waarin de verkrijging plaatsvindt.

Op grond van de Wet WOZ geldt dat de waardepeildatum één jaar ligt voor het begin van het kalenderjaar waarvoor de waarde wordt vastgesteld. Voor 2013 (het WOZ-tijdvak) geldt een WOZ-waarde met als waardepeildatum 1 januari 2012. Dit betekent dat tussen een overlijden en de peildatum voor de WOZ-waarde een behoorlijke periode kan zijn verstreken, in theorie bijna twee jaren. Om hieraan tegemoet te komen mag voor verkrijgingen na 1 januari 2012 de verkrijger er voor kiezen de woning in aanmerking te nemen voor de WOZ-waarde die geldt voor het kalenderjaar na het kalenderjaar van de verkrijging. Bij een overlijden in 2013 mag de WOZ-waarde 2014 worden gebruikt, met een waardepeildatum per 1 januari 2013. Dit betekent dat er dus ondanks de verzachtende keuzemogelijkheid nog steeds een periode van bijna één jaar tussen de waardepeildatum en het overlijden kan liggen.

Een erfgenaam kan overigens wel een verzoek om een nieuwe waardevaststelling indienen bij de gemeente. Het indienen van een verzoek ter verkrijging van een nieuwe beschikking is niet aan een termijn gebonden. De nieuwe beschikking ziet op een vaststelling van de waarde op de peildatum en niet op de datum van de verkrijging door de nieuwe eigenaar.

Berichtenarchief

kolom_bottom